Stadium 2: overleven

Gerelateerde afbeelding

Stadium 2: overleven Wanneer een bedrijf dit stadium haalt, heeft het aangetoond dat het levensvatbaar is. Er zijn voldoende afnemers en de kwaliteit van de geleverde producten of verleende diensten is van zodanige aard dat kantoorruimte huren amsterdam men die afnemers ook kan behouden. Het cruciale probleem verschuift nu van het opbouwen van een bestaansbasis naar het tot stand brengen van een juist evenwicht tussen de inkomsten en uitgaven. De belangrijkste vraagstukken waarmee men geconfronteerd wordt zijn de volgende: liquide kantoorruimte huren haarlem middelen Kunnen we op korte termijn aan genoeg liquide middelen komen om in ieder geval geen verlies te lijden en om de reparatie of vervanging van kapitaalgoederen te kunnen financieren? Kunnen we voor een voldoende grote cashflow zorgen om op zijn minst de zaken gaande te houden en het bedrijf te kunnen doen uitgroeien naar een omvang die, gegeven kantoorruimte huren amsterdam zuidas de tak van industrie en het marktsegment van het bedrijf. groot genoeg is om een lonend rendement op onze investeringen en arbeid te verkrijgen.
De organisatie is nog steeds eenvoudig. Soms is er een verkoopleider of een chef die de supervisie heeft over een beperkt aantal werknemers. Voor beiden geldt dat ze nooit op eigen houtje belangrijke beslissingen zullen nemen, maar steeds de vrij nauwkeurig omschreven opdrachten van de eigenaar zullen uitvoeren. Van bewuste systeemontwikkeling kan nog nauwelijks gesproken worden en de formele planning gaat, zelfs in het guncashflow stigste geval, niet verder dan ramingen van de cashflow. Het hoofddoel is nog steeds overleven en de eigenaar is nog steeds synoniem kantoorruimte huren amsterdam wtc met het bedrijf. Sommige bedrijven zullen in het overlevingsstadium voortdurend in omvang en rentabiliteit toenemen en uiteindelijk in stadium 3 terechtkomen. Maar ook ziet men vaak dat een bedrijf geruime tijd in stadium 2 blijft steken, nooit meer dan een marginaal rendement op de geïnvesteerde tijd en het kapitaal oplevert en uiteindelijk wordt opgeheven wanneer de eigenaar het opgeeft of met pensioen gaat. Tot deze categorie behoren onder meer kleine familiewinkeltjes en verwerkende bedrijven die hun producten of processen niet volgens de verwachtingen aan de man of vrouw kunnen brengen. Sommige van deze marginale bedrijfjes bezitten voldoende economische levensvatbaarheid om uiteindelijk verkocht te kunnen worden, zij het meestal met enig verlies. Andere blijken echter een volslagen mislukking en houden eenvoudig op te bestaan.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *