Liberalen, communisten en volgelingen

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Liberalen, communisten en volgelingen van andere moderne geloven omschrijven hun eigen geloofssysteem liever niet als ‘religie’ omdat ze religie associëren met bijgeloof en bovennatuurlijke krachten. Als je communisten ofliberalen probeert te vertellen dat ze religieus zijn, denken ze dat je ze beschuldigt van blind geloof in ongefundeerde hersenschimmen. Maar eigenlijk betekent het alleen maar dat ze geloven in een systeem van morele wetten dat niet is verzonnen door mensen, maar kantoor huren amsterdam waaraan mensen evengoed moeten gehoorzamen. Voor zover wij weten, geloven alle menselijke samenlevingen dit. Elke samenleving vertelt haar leden dat ze een of andere bovenmenselijke morele wet moeten gehoorzamen en dat er rampen van komen als ze die wet overtreden.
Religies verschillen natuurlijk van elkaar in de details van hun verhalen, hun concrete geboden en de beloningen en straffen die ze ons in het vooruitzicht stellen. In middeleeuws Europa zei de katholieke kerk bijvoorbeeld dat God niet van rijke mensen houdt. Jezus zei dat een kameel makkelijker door het oog van een naald gaat dan een rijke door de hemelpoort. De kerk spoorde de rijken dus aan om veel aalmoezen te geven om ze te helpen het koninkrijk Gods te betreden, en dreigde dat gierigaards zouden branden in de hel. Het moderne communisme houdt ook niet van rijke mensen, maar het bedreigt ze met een klassenstrijd in het hier en nu en niet met brandende zwavel na kantoor huren amsterdam zuidas de dood. De historische wetten van het communisme lijken wel wat op de geboden van de christelijke God in die zin dat het in beide gevallen gaat om bovenmenselijke krachten die de mens niet kan veranderen. De mensheid kan morgen zomaar besluiten om de buitenspelregel in het voetbal te veranderen, omdat ze die zelf hebben verzonnen en hem dus ook kunnen aanpassen. Maar de wetten van de geschiedenis kunnen we, volgens Marx althans, niet veranderen. Wat de kapitalisten ook doen, zolang ze privébezit blijven vergaren, zullen ze de klassenstrijd over zich afroepen en verslagen worden door het opstandige proletariaat.

Algoritmische structuur

Gerelateerde afbeelding

Deze algoritmische structuur zorgt ervoor dat het niet echt uitmaakt wie de receptioniste, de verpleegkundige of de dienstdoende arts is. Hun persoonlijkheid, hun politieke opvattingen en het humeur dat ze op dat moment hebben doen niet ter zake. Zolang ze allemaal de regels en protocollen volgen, is er een goede kans dat ze je genezen. Volgens het algoritmische ideaal ligt je lot in handen van ‘het systeem’ en niet in de handen van de mensen van vlees en bloed die toevallig net deze of gene functie uitoefenen. Wat voor ziekenhuizen geldt, geldt ook voor legers, gevangenissen, scholen, bedrijven en antieke koninkrijken. Het oude Egypte was op technologisch gebied natuurlijk veel minder geavanceerd dan een modern ziekenhuis, maar het algoritmische principe was hetzelfde. In het oude Egypte werden de meeste beslissingen ook niet genomen door één wijs iemand, maar door een netwerk van beambten dat aan kantoor huren haarlem elkaar hing van papyrusrollen en inscripties in steen. Het netwerk dat optrad in naam van de levende farao-god herstructureerde de menselijke samenleving en veranderde de fysieke wereld. De farao’s Senoeseret m en zijn zoon Amenemhat m, die heersten van 1878 v.Chr. tot 1814 v.Chr., lieten bijvoorbeeld een enorm kanaal graven van de Nijl naar de moerassen in de Fajoemvallei. Met een uitgebreid systeem van dammen, stuwmeren en zijkanalen werd een deel van het Nijlwater naar Fajoem omgeleid, waardoor een immens kunstmatig meer ontstond dat vijftig miljard kubieke meter water bevatte.1 Ter vergelijking: Lake Mead, het grootste door mensen gemaakte stuwmeer van de Verenigde Staten (gevormd door de Hooverdam), bevat op zijn hoogst 35 miljard kubieke meter water. Het Fajoemproject gaf de farao de macht om de waterstand in de Nijl te reguleren, waardoor verwoestende overstromingen voorkomen konden worden en er kostbaar water beschikbaar was in tijden van droogte. Bovendien veranderde het de Fajoemvallei, een krokodillenmoeras dat kantoor huren amsterdam wtc omringd was door kale woestijn, ook nog eens in de graanschuur van Egypte. Aan de oever van het nieuwe kunstmatige meer werd de nieuwe stad Shedet gebouwd, door de Grieken Crocodilopolis genoemd, de stad der krokodillen.

Leve de revolutie!

Gerelateerde afbeelding

De geschiedenis biedt volop bewijzen voor het cruciale belang van grootschalige samenwerking. De overwinning ging zo goed als altijd naar de betere samenwerkers, niet alleen in de strijd tussen Homo sapiens en andere soorten, maar ook in conflicten tussen verschillenden groepen mensen. Rome veroverde Griekenland dus niet omdat de Romeinen grotere hersenen hadden of betere werktuigen maakten, maar omdat ze effectiever samen konden werken. Door de hele kantoor huren amsterdam geschiedenis wisten gedisciplineerde legers met gemak ongeorganiseerde horden in de pan te hakken en heersten verenigde elites over ordeloze massa’s. In 1914 speelden bijvoorbeeld drie miljoen Russische edelen, ambtenaren en zakenlieden de baas over 180 miljoen boeren en arbeiders. De Russische elite wist hoe ze moest samenwerken om haar gemeenschappelijke belangen te beschermen, terwijl de 180 miljoen proletariërs zich niet effectief konden mobiliseren. De elite spande zich zelfs bijzonder in om te zorgen dat de 180
miljoen mensen onder aan de ladder nooit zouden leren samenwerken. Aantallen zijn nooit genoeg om een revolutie te ontketenen. Revoluties worden meestal veroorzaakt door kleine netwerken van agitatoren en niet door de massa. Als je een revolutie wilt, vraag je dan niet af hoeveel mensen je ideeën steunen, maar hoeveel van je volgelingen in staat zijn tot effectieve samenwerking. De Russische Revolutie brak uiteindelijk niet uit doordat 180 miljoen mensen in opstand kwamen tegen de tsaar, maar omdat een stuk of wat communisten zorgden dat ze op het juiste moment op de juiste plek waren. In 1917, een tijd waarin de hogere stand en de middenklasse samen minstens drie miljoen mensen telden, had de communistische partij maar 23.000 leden.20 Toch wisten de communisten het gigantische kantoor huren amsterdam zuidas Russische rijk in handen te krijgen, omdat ze zo goed georganiseerd waren. Toen het gezag in Rusland van de afgeleefde handen van de tsaar overging in de al net zo bibberige handen van Kerenski’s voorlopige regering, wisten de communisten het met groot gemak te bemachtigen en ze beten zich in de teugels vast als een buldog die een bot te pakken heeft. De communisten lieten de teugels pas eind jaren tachtig vieren. Ze waren acht lange decennia aan de macht gebleven dankzij hun effectieve organisatie en uiteindelijk vielen ze ten prooi aan hun defectieve organisatie. Op 21 december 1989 organiseerde Nicolae Ceau§escu, de communistische dictator van Roemenië, een massademonstratie van aanhangers in het centrum van Boekarest. In de maanden daarvoor had de Sovjet-Unie haar steun aan de Oost-Europese communistische landen ingetrokken, de Berlijnse Muur was gevallen en er waren revoluties uitgebroken in Polen, Oost-Duitsland, Hongarije, Bulgarije en Tsjecho-Slowakije.

Een rudimentair begrip van biochemie

Gerelateerde afbeelding

In het oude Egypte, het Romeinse Rijk of het middeleeuwse China hadden mensen hoogstens een rudimentair begrip van biochemie, genetica, zoölogie en epidemiologie. Hun vermogen tot manipulatie was dus beperkt. In die tijden liepen varkens, koeien en kippen vrij rond tussen de huizen en zochten ze vuilnishopen en nabijgelegen bossen af naar eetbare schatten. Als een ambitieuze boer had geprobeerd om duizenden dieren in een krap hok op te sluiten, had dat waarschijnlijk geleid tot een dodelijke epidemie, waaraan alle dieren en veel dorpelingen zouden bezwijken. Geen priester, sjamaan of god die dat conference room amsterdam had kunnen tegengaan. Maar zodra de moderne wetenschap de geheimen van epidemieën, ziektekiemen en antibiotica had ontraadseld, was de weg vrij voor legbatterijen en ligboxstallen. Met behulp van vaccinaties, medicatie, hormonen, pesticiden, centrale luchtverversingssystemen en automatische voedermachines kunnen we nu tienduizenden varkens, koeien of kippen netjes op een rij in krappe kooien stoppen en vlees, melk en eieren produceren met een efficiëntie die haar weerga niet kent. De laatste jaren zijn er bedenkingen gerezen bij deze relatie tussen
mens en dier en is er steeds meer kritiek op deze praktijken gekomen. Ineens hebben we een ongekende belangstelling gekregen voor het lot van zogenaamde lagere levensvormen, misschien omdat we op het punt staan er zelf een conference room amsterdam zuidas te worden. Als er computerprogramma’s met een bovenmenselijke intelligentie en dito vermogens komen, moeten we die programma’s dan hoger aanslaan dan mensen? Zou het bijvoorbeeld acceptabel zijn als een kunstmatige intelligentie mensen zou exploiteren en zelfs doden ten bate van haar eigen behoeften en verlangens? Als zo’n intelligentie dat nooit zou mogen, hoe oppermachtig en superieur ze ook is, waarom is het dan wel ethisch aanvaardbaar als mensen varkens exploiteren en doden? Hebben mensen, naast hun hogere intelligentie en grotere macht, iets magisch in zich dat ze onderscheidt van varkens, kippen, chimpansees en computerprogramma’s? Zo ja, wat is dat dan voor magisch iets en waarom zijn we er zo zeker van dat kunstmatige intelligentie het nooit kan hebben? En als het er niet is, is er dan nog wel een reden om speciale waarde toe te kennen aan menselijk leven zodra computers slimmer en machtiger worden dan mensen? Wat is het überhaupt dat mensen zo intelligent en machtig maakt en hoe waarschijnlijk is het dat niet-menselijke entiteiten ons ooit zullen evenaren en overtreffen? Het volgende hoofdstuk gaat dieper in op de aard en macht van Homo sapiens, niet alleen om meer inzicht te krijgen in onze relatie met andere dieren, maar ook om te kijken wat de toekomst ons zou kunnen brengen en hoe relaties tussen mensen en supermensen eruit zouden kunnen zien.

Het humanisme

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Met de conclusies uit dit eerste deel zal het tweede deel van het boek de bizarre wereld verkennen die Homo sapiens de afgelopen millennia heeft gecreëerd en de weg die naar het kruispunt leidde waar we nu voor staan. Hoe is Homo sapiens gaan geloven in de humanistische doctrine, die stelt dat het heelal om de mensheid draait en dat mensen de bron van alle zingeving en gezag zijn? Wat zijn de economische, sociale en politieke implicaties van dit geloof? Hoe beïnvloedt het ons dagelijks leven, onze kunst en onze heimelijke dromen co-working space amsterdam en verlangens? In het derde en laatste deel van het boek komen we weer terug bij het begin van de eenentwintigste eeuw, maar dan met veel diepere inzichten over de mensheid en het humanistische geloof. Dit deel beschrijft het lastige parket waarin we nu zitten en de mogelijkheden voor onze toekomst. Waarom kunnen pogingen om het humanisme te volvoeren tot de ondergang ervan leiden? Hoe kan onze zoektocht naar onsterfelijkheid, geluk en goddelijkheid de fundamenten van ons geloof in de mensheid aantasten? Wat zijn de voortekenen die deze mogelijke ramp aankondigen en hoe worden die weerspiegeld in de beslissingen die wij van dag tot dag nemen? En als het humanisme inderdaad in gevaar is, wat zou er dan voor in de plaats kunnen komen? Dit deel van co-working space amsterdam zuidas het boek bestaat niet uit loos gefilosofeer of dito voorspellingen. Het is een kritische beschouwing van onze smartphones, onze datingpraktijken en de arbeidsmarkt, om te kijken wat die voor aanwijzingen over onze toekomst bevatten. Voor devote humanisten kan dit allemaal heel pessimistisch en deprimerend klinken, maar het is beter om niet overhaast allerlei conclusies te trekken. De geschiedenis heeft heel wat religies, wereldrijken en culturen zien opkomen en verdwijnen. Zulke omwentelingen zijn niet per se slecht. Het humanisme domineert de wereld nu zo’n driehonderd jaar, wat niet zo heel lang is. De farao’s heersten drieduizend jaar over Egypte en in Europa zijn de pausen een heel millennium aan de macht geweest. Als je een Egyptenaar uit de tijd van Ramses II zou vertellen dat er op een dag geen farao’s meer zouden zijn, zou hij waarschijnlijk vol afgrijzen uitroepen: ‘Hoe kunnen we leven zonder farao? Wie zorgt er dan voor orde, vrede en rechtvaardigheid?’ Als je middeleeuwers zou vertellen dat God binnen een paar eeuwen dood zou zijn, zouden ze niet weten hoe ze het hadden. ‘Hoe kunnen we leven zonder God? Wie geeft het leven dan zin en wie beschermt ons tegen de chaos?’