Procedure van het bestemmingsplan

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Procedure van het bestemmingsplan De bestemming van gronden, met inbegrip van de met het oog daarop gestelde regels, wordt binnen een periode van tien jaar, gerekend vanaf de datum van vaststelling van het bestemmingsplan, telkens opnieuw door de gemeenteraad vastgesteld (art. 3.1 lid 2 Wro). Indien de gemeenteraad meent kantoorruimte huren amsterdam┬ádat het in overeenstemming met een goede ruimtelijke ordening is, mag hij besluiten tot verlenging van de periode van tien jaar, met tien jaar (art. 3.1 lid 3 Wro). Indien niet voor het verstrijken van de periode van tien jaar de gemeenteraad kantoorruimte huren haarlem opnieuw een bestemmingsplan heeft vastgesteld dan wel een verlengingsbesluit heeft genomen, vervalt de bevoegdheid tot het invorderen van rechten ter zake van na dat tijdstip door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten die verband houden met het bestemmingsplan. Een gemeente kan niet volstaan met het gedeeltelijk herzien van een kantoorruimte huren amsterdam zuidas bestemmingsplan, omdat zij volgens art. 3.1 lid 2 Wro de bestemming van de gronden en de bijbehorende regels binnen tien jaar opnieuw moet vaststellen. Voor de gemeente zijn de leges voor de bouwvergunning veelal een belangrijke inkomstenbron, zodat van de mogelijke sanctie dat ter zake van zo’n dienst die verband houdt met een te oud bestemmingplan geen leges meer kunnen worden ingevorderd, een prikkel uitgaat. De legesheffing kan overigens nog wel plaatsvinden, maar op niet-betalen staat geen sanctie omdat niet ingevorderd mag worden.
Voorbereidingsbesluit Als voorbereiding op een te volgen bestemmingsplanprocedure kan de gemeenteraad een voorbereidingsbesluit nemen op grond van art. 3.7 Wro. Het belangrijkste kantoorruimte huren amsterdam wtc gevolg daarvan is dat de beslissing op een aanvraag bouwvergunning moet worden aangehouden door burgemeester en wethouders (art. 50 lid 1 Wonw) indien er geen grond is de vergunning te weigeren. Burgemeester en wethouders kunnen de bouwvergunning verlenen als het bouwwerk niet in strijd is met het in voorbereiding zijnde bestemmingsplan (art. 50 lid 3 Wonw), maar ze zijn daar dus niet toe verplicht. De situatie ten aanzien van bouwplannen die in overeenstemming zijn met het geldende bestemmingsplan maar in strijd zijn met het in voorbereiding zijnde bestemmingsplan wordt dus bevroren door het voorbereidingsbesluit, veelal alleen een lijn op een kaart.

Onderscheid in bestuurshandelingen

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Onderscheid in bestuurshandelingen en rechtsbeschermingsmogelijkheden In subparagraaf 3.1.4 geeft figuur 3.1 een schematisch onderscheid tussen de diverse soorten bestuurshandelingen. Deze onderscheidingen zijn van belang, omdat niet voor elke kantoorruimte huren amsterdam bestuurshandeling dezelfde rechtsbeschermingsmogelijkheden gelden. Vermeld is al dat bij privaatrechtelijke handelingen en feitelijke handelingen van de overheid de burgerlijke rechter bevoegd is. Deze vorm van rechtsbescherming is wezenlijk anders dan de rechtsbescherming door de administratieve rechter. Een burgerlijk proces wordt kantoorruimte huren haarlem gevoerd tegen de overheid als rechtspersoon, bijvoorbeeld de gemeente. Een administratief proces wordt altijd gevoerd tegen een bestuursorgaan van de overheid, bijvoorbeeld het college van burgemeester en wethouders.
Uitgangspunt voor de rechtsbescherming ingevolge de Awb is dat alleen tegen besluiten in de zin van art. 1:3 Awb, die afkomstig zijn van bestuursorganen in de zin van art. 1:1 Awb, bezwaar en beroep mogelijk is. Daar moet kantoorruimte huren amsterdam zuidas nog aan worden toegevoegd dat niet iedereen dat recht toekomt, maar alleen aan een belanghebbende in de zin van art. 1:2 Awb. Niettemin zijn er zowel binnen de Awb als daarbuiten (in bijzondere wetten) zowel uitbreidingen als beperkingen aan dit begrip ‘besluit’ gegeven.
Besluiten als bedoeld in art. 1 :3 Awb Zoals reeds aangegeven, vallen binnen het begrip ‘besluit’ van de Awb zowel besluiten van algemene strekking (zoals plannen, verordeningen en beleidsregels) als beschikkingen. Belangrijk in dit verband is art. 6:2 Awb. Deze bepaling geeft kantoorruimte huren amsterdam wtc een verbreding van het begrip ‘besluit’ uit art. 1:3
‘Voor de toepassing van wettelijke voorschriften over bezwaar en beroep worden met een besluit gelijkgesteld: a de schriftelijke weigering een besluit te nemen, en b het niet tijdig nemen van een besluit.’

Algemene bepalingen over besluiten

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Hoofdstuk 3: algemene bepalingen over besluiten De titel van hoofdstuk 3 Awb zou de indruk kunnen wekken dat dit hoofdstuk voor alle soorten besluiten geldt, maar dat is niet waar. Hoofdstuk 3 gaat uit van een driedeling in bestuurshandelingen, namelijk: besluiten die kantoorruimte huren amsterdam algemeen verbindende voorschriften inhouden; overige besluiten; andere handelingen van bestuursorganen dan besluiten.
Afhankelijk van het type bestuurshandeling is de Awb geheel, gedeeltelijk of niet van toepassing. Algemeen verbindende voorschriften afkomstig van de formele wetgever vallen geheel buiten het kantoorruimte huren haarlem toepassingsgebied van de Awb. Algemeen verbindende voorschriften afkomstig van lagere wetgevers (provincies, gemeenten) vallen slechts gedeeltelijk binnen het toepassingsbereik van de Awb. Afdeling 3.6 van hoofdstuk 3 Awb (bekendmaking en mededeling) is niet van toepassing op algemeen kantoorruimte huren amsterdam zuidas verbindende voorschriften, volgens art. 3:1 Awb. De overige afdelingen zijn slechts van toepassing voor zover de aard van de besluiten zich daartegen niet verzet. Hoofdstuk 3 Awb is integraal van toepassing op ‘besluiten’, voor zover zij geen algemeen verbindende voorschriften inhouden. Op andere handelingen van bestuursorganen dan besluiten (bijvoorbeeld privaatrechtelijke en feitelijke handelingen) zijn de afdelingen 3.2 t/m 3.5 van toepassing, voor zover de aard van kantoorruimte huren amsterdam wtc de handelingen zich daartegen niet verzet (art. 3:1 lid 2 Awb). Afdeling 3.6 is derhalve niet van toepassing
88 3 Bestuursrecht algemeen
op algemeen verbindende voorschriften en privaatrechtelijke en feitelijke handelingen.
Deze afdelingen 3.2 t/m 3.6 van hoofdstuk 3 Awb komen hier nader aan de orde: zorgvuldigheid en belangenafweging (afd. 3.2) (bij de behandeling worden deze twee in de bredere context van de beginselen van behoorlijk bestuur gezet); advisering (afd. 3.3); uniforme openbare voorbereidingsprocedure (afd. 3.4); bekendmaking en mededeling (afd. 3.6).
Beginselen van behoorlijk bestuur Beginselen van behoorlijk bestuur hebben een lange voorgeschiedenis. In een lange reeks van rechterlijke uitspraken hebben zij in de afgelopen decennia erkenning gekregen als normen waaraan de overheid is gebonden bij de uitoefening van haar bevoegdheden.

De minister

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Bij de aanwijzing van een luchtvaartterrein wordt voor iedere grenswaarde een geluidszone rond dat terrein vastgesteld, waarbuiten de geluidsbelasting door de landende en opstijgende luchtvaartuigen kantoorruimte huren amsterdam de vastgestelde grenswaarde niet mag overschrijden. De minister kan in geval van dreigende overschrijding van een vastgestelde grenswaarde buiten de daarbij behorende geluidszone het luchtvaartterrein tijdelijk gesloten verklaren. De sluiting kan worden beperkt tot bepaalde (soorten) vliegtuigen, kantoorruimte huren haarlem bepaalde vormen van luchtvaart, bepaalde start- of landingsbanen of bepaalde tijdsperioden. Verder kan de minister heffingen opleggen, in het bijzonder bij lawaaiige vliegtuigen. De aanwijzing tot luchtvaartterrein kan worden gewijzigd indien er sprake is van een vergroting van het terrein of van een wijziging van de banen die een vergroting van de geluidszone oplevert of van een andere vergroting van de geluidszone. De kantoorruimte huren amsterdam zuidas wijziging van de aanwijzing moet dezelfde procedure doorlopen als de aanwijzing zelf en moet eveneens in overeenstemming zijn met de geldende structuurvisie.
De exploitant van een luchtvaartterrein moet jaarlijks een voorstel indienen bij de minister van Verkeer en Waterstaat tot het vaststellen van een gebruiksplan van het luchtvaartterrein. De minister zal het plan vaststellen indien het gebruik van het luchtvaartterrein niet zal leiden tot een hogere geluidsbelasting dan is toegelaten volgens de vastgestelde zones, en indien de gestelde voorschriften en maatregelen voor het voorkomen of bestrijden van geluidhinder, in acht zijn genomen.
9.16.5 Wetgeving voor stoffen
Er zijn naast de Wet milieubeheer twee wetten die regels bevatten om het milieu en de kantoorruimte huren amsterdam wtc mens te beschermen tegen gevaarlijke stoffen: de Wet milieugevaarlijke stoffen en de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden.
Wet milieugevaarlijke stoffen De Wet milieugevaarlijke stoffen beoogt mens en milieu te beschermen tegen gevaarlijke stoffen. De wet bestrijkt de gehele levensloop van stoffen: van productie, handel en gebruik tot en met de afvalfase. Het gaat onder andere om nieuwe chemische stoffen waarvan de gevolgen voor het milieu onbekend zijn.
Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden De Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden heeft tot doel de toelating, het op de markt brengen en het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en biociden te reguleren. Een gewasbeschermingsmiddel bevat een werkzame stof om planten te beschermen, een biocide is een werkzame stof bestemd om een schadelijk organisme te vernietigen. Alleen een toegelaten gewasbeschermingsmiddel of een biocide mag men op de markt brengen, voorhanden of in voorraad hebben, binnen Nederland brengen of gebruiken.